Whatsapp Facebook LinkedIn Instagram RSS feed

Kennismiddag biodiversiteit: 'De natuur staat te popelen, we hoeven alleen maar de randvoorwaarden te creëren'

ARTIKEL
REGELGEVING & JURIDISCH
Facebook Linkedin Whatsapp
Fleur Dil, maandag 12 oktober 2026
195 sec


Van sortimentskeuze tot beheer. Praktische handvatten voor kwekers, handelaren en groenprofessionals

Welke keuzes dragen écht bij aan biodiversiteit? Vier sprekers gingen daarop in tijdens de kennismiddag 'Natuurlijke stappen naar meer biodiversiteit' op 28 september in Opheusden, een initiatief van Cultuurgroep voor Rozen en Rozenonderstammen, in samenwerking met LTO Bomen, Vaste planten en Zomerbloemen, Royal Anthos en uitgeverij NWST. Ze belichtten kansen én nuances, over plantkeuzes bijvoorbeeld: 'De enige slechte plant is een plant die er niet staat.'

Opening Kennismiddag 'Natuurlijke stappen naar meer biodiversiteit' door Hans van Hage
Opening Kennismiddag 'Natuurlijke stappen naar meer biodiversiteit' door Hans van Hage

'Natuur kan erg kwetsbaar zijn.' Met die opmerking opent Hans van Hage, voorzitter van de Cultuurgroep voor Rozen en Rozenonderstammen, de middag. 'Ik heb in de praktijk gezien hoe het verwijderen van één boswilg bijna een kleine ecologische keten uitwiste.' Voor wie biodiversiteit wil versterken, is de les duidelijk: kijk verder dan de afzonderlijke plant of boom. Ook de omgeving en variatie zijn van belang.

Variatie als vertrekpunt

Die variatie is de afgelopen decennia drastisch afgenomen. Volgens Jasper Helmantel van kwekerij Cruydt Hoeck hangt de achteruitgang van biodiversiteit samen met de inrichting van het landschap en de landbouw. 'Ruilverkaveling maakte het werk efficiënter, maar daar zijn we ook veel door kwijtgeraakt', zegt Helmantel. Houtwallen, sloten en akkerranden verdwenen, net als variatie in gewassen, rassen en genetisch materiaal.


Jasper Helmantel van kwekerij Cruydt Hoeck trapt de middag af.
Gelukkig is daar wat aan te doen. 'De natuur staat te popelen, we hoeven alleen maar de randvoorwaarden te creëren.' Helmantel verwijst naar de zes V's van Basiskwaliteit Natuur: vocht, voedsel, veiligheid, voortplantingsruimte, verbindingen én variatie. Dat hoeft niet ten koste te gaan van de bedrijfsvoering. 'Juist op het erf liggen kansen. Een heg, boom, poel of hoekje met wilde planten kan al bijdragen.'

'Ruilverkaveling maakte het werk efficiënter, maar daar zijn we ook veel door kwijtgeraakt'

Ook bij de plantkeuze is variatie belangrijk. Inheemse wilde planten zijn vaak onmisbaar als waardplant voor insecten, maar uitheemse soorten hoeven niet te verdwijnen. 'Hosta en hortensia eruit halen is ook jammer; iedere plant draagt iets bij. Maar zet er inheems bij.' Met het oog op een onzeker toekomstig klimaat biedt een breed assortiment bovendien meer mogelijkheden dan een eenzijdige inrichting.

De stad vraagt om andere afwegingen

Margareth Hop van Boot&Dart Boomkwekerijen ziet kansen in de stad. 'De biodiversiteit is daar beter dan vaak wordt gedacht. De stad bevat over het algemeen meer plantsoorten dan landbouwgebied.' Variatie aan droge, natte, warme en beschutte plekken biedt dieren veel mogelijkheden. Tegelijkertijd moeten stadsbomen en heesters aan andere eisen voldoen dan planten in natuurgebieden, zoals sierwaarde en betaalbaar beheer, en voldoen aan de eisen voor verkeersveiligheid, klimaatbestendigheid en sociale veiligheid.


Margareth Hop van Boot&Dart Boomkwekerijen: 'De biodiversiteit in de stad is beter dan vaak wordt gedacht.'
Inheemse planten zouden de basis moeten vormen, maar kunnen de 80 tot 90 procent exoten in het huidige sortiment dan niet meer? Volgens Hop zijn vooral nauw verwante planten een prima aanvulling. 'Hoe hoger de diversiteit in de aanplant, hoe hoger ook de biodiversiteit aan dieren en micro-organismen. De enige slechte plant is een plant die er niet staat.'

'Hoe hoger de diversiteit in de aanplant, hoe hoger ook de biodiversiteit aan dieren en micro-organismen'

Dat vraagt om een bredere blik op plantkeuze én plek. Planten uit zaad hebben natuurlijke variatie, maar cultivars kunnen gewenste eigenschappen hebben, zoals resistentie of een lange bloei. Aan de stadsrand, in bermen en op oevers krijgt biodiversiteit prioriteit. In het centrum draait het om balans tussen natuur en bewoners. 'Werk aan draagvlak bij bewoners', adviseert Hop, 'dan kan ook stadsbeplanting geleidelijk steeds natuurlijker worden.'

Welke cultivar voedt insecten?

Maar welke sierplant levert daadwerkelijk voedsel? Het antwoord op die vraag probeert Ewout Van Oost van het Vlaamse ILVO te geven in zijn onderzoek bij afzonderlijke cultivars van rozen en vlinderstruiken. 'Over botanische soorten is al veel bekend, maar gegevens over veredelde cultivars ontbreken grotendeels', zegt hij. 'Daardoor zijn stellige uitspraken over hun biodiversiteitswaarde lastig.'


Volgens Ewout Van Oost van ILVO is bloeirijkheid een belangrijke factor voor het aantrekken van insecten.
De eerste resultaten geven wel aanwijzingen. Zo lijkt bloeirijkheid een belangrijke factor: hoe meer bloemen, hoe meer insecten. 'Ook kleur, geur en de toegankelijkheid van stuifmeel spelen een rol', vertelt Van Oost. Op de onderzochte rozen werden vooral zweefvliegen, hommels en solitaire bijen gezien. Vlinders ontbraken, omdat rozen geen nectar produceren. Lichtroze en witte cultivars trokken veel insecten, maar bloeiden ook uitbundiger. De invloed van kleur afzonderlijk is daardoor nog niet vast te stellen. Volgens Van Oost zijn cultivars niet per definitie minder waardevol dan botanische soorten. Integendeel: ze kunnen langer en rijker bloeien. Het onderzoek loopt nog; over ongeveer vier jaar worden stevigere conclusies verwacht.

Van belofte naar bewijs

Karin Albers, ecoloog en auteur van 'Iedere straat verdient natuur', vertaalt de inzichten naar drie praktische stappen. De eerste is plantkeuze. 'Daarbij hoort variatie en een brede bloeiboog', zegt Albers. 'Zo krijgen hommelkoninginnen een goede start en is er voldoende voedsel voor gespecialiseerde insecten. En wees kritisch met bestrijdingsmiddelen.'


Ecoloog Karin Albers over meer biodiversiteit in drie stappen
De tweede stap zit in inrichting en beheer. 'Niet alles kan overal, maar overal kan iets.' Ook planten zonder bloemen hebben waarde. Rietvegetaties, bottels, dood hout en open zandplekken bieden voedsel of nestgelegenheid. 'Dat is relevant voor wilde bijen, want ongeveer 80 procent nestelt in de grond.' De derde stap betreft het communiceren over biodiversiteit. 'Wees zorgvuldig met claims. Dat een insect een bloem bezoekt, bewijst nog niet dat een cultivar een belangrijke voedselbron is.' Nieuwe Europese regels vragen om aantoonbare onderbouwing van milieuclaims. 'Een cultivar zomaar "bijvriendelijk" noemen, dat kan niet.'

Kennis delen, ervaringen uitwisselen en ideeën opdoen
De vier verhalen laten zien dat biodiversiteit gebaat is bij variatie, goede randvoorwaarden en een passende plek. Inheems is waardevol, maar vertelt niet het hele verhaal. Ook cultivar, bloei, omgeving en beheer doen ertoe. 'We zijn met z'n allen goed op weg', zegt Van Hage tot besluit. 'De toepassing van bestrijdingsmiddelen gaat drastisch omlaag. Dat moet je niet doen vanwege een keurmerk, maar omdat je die stap wilt zetten.'

Presentaties sprekers

De presentatie van Jasper Helmantel is hier te vinden
 
De presentatie van Karin Albers is hier te vinden
 
De presentatie van Ewout Van Oost is hier te vinden
 
De presentatie van Margareth Hop is hier te vinden
 

LEES OOK

LTO Vakgroep Bomen, Vaste...
Royal Anthos
NWST NeWSTories
Cruydt-Hoeck BV
Boot & Dart Boomkwekerije...
Instituut voor Landbouw e...
Naturio
LOGIN   met je e-mailadres om te reageren.

REACTIES
Er zijn nog geen reacties.

tip de redactie

Meld je aan voor onze digitale nieuwsbrief.

ONDERDELEN
Archief
Dossiers
Green Industry Profile
Webshop
OVER ONS
Over ons
Duurzaamheid & NWST
Contact
Het team
ADVERTEREN EN ABONNEREN
Fysiek abonnement
Digitaal abonnement
Abonneren nieuwsbrief
Adverteren
Verschijningsdata
MEER
Redactionele spelregels
Algemene voorwaarden
Disclaimer
Privacy
Cookies
ONDERDELEN
OVER ONS
ADVERTEREN EN ABONNEREN
MEER