Whatsapp Facebook LinkedIn Instagram RSS feed

Ecologische monitoring: handvatten voor landschapsherstel

ARTIKEL
PROJECTEN
Facebook Linkedin Whatsapp
Hester Stolk, [LINK GIP 2021]NLadviseurs[/LINK], woensdag 20 mei 2026
233 sec


Wil je weten hoe het gaat met de dier- en plantensoorten in een gebied? Neemt de soortendiversiteit toe of juist af? Ontwikkelt de vegetatie zich zoals je voor ogen had met jouw beheeringrepen? En hebben aangelegde hagen, poelen of takkenrillen nieuwe soorten naar je gebied gelokt? Monitoring geeft antwoord op dit soort vragen. In dit artikel worden drie projecten uitgelicht, die zowel qua omvang als type onderzoek verschillen. Zo zie je wat er mogelijk is en hoe ecologische monitoring je kan helpen bij landschapsherstel.

Het ecologisch onderzoek bij WMD leidde tot concrete verbeterplannen voor verschillende terreinen.
Het ecologisch onderzoek bij WMD leidde tot concrete verbeterplannen voor verschillende terreinen.

Bij ecologische monitoring gaat het in de kern altijd om het krijgen van inzicht in wat er leeft en hoe dat leven zich ontwikkelt. Het systematisch in kaart brengen van flora en fauna kan verschillende doeleinden hebben: voldoen aan wetgeving, onderbouwen van beleid of gericht sturen op beheer en biodiversiteitsontwikkeling. Ook de schaal van het onderzoek is van belang. Wil je weten hoe het staat met de biodiversiteit in grote gebieden, zoals een hele gemeente? Dan is het handig om gebieden met elkaar te kunnen vergelijken, zodat prioritering mogelijk wordt. Dat vraagt om een andere aanpak dan wanneer je één gebied wilt volgen; dan staan de kwaliteiten en ontwikkelmogelijkheden van dat ene gebied voorop. De drie uitgelichte casussen geven een beeld van verschillen in aanpak en omvang.

Casus 1: BKN voor Waterleidingmaatschappij Drenthe

De Waterleidingmaatschappij Drenthe (WMD) wil haar drinkwaterproductie toekomstbestendig maken en tegelijkertijd de impact op de natuur verminderen. Als beheerder van circa 850 hectare waterwingebieden en grondwaterbeschermingsgebieden speelt het bedrijf een directe rol in het landschap. Een veerkrachtig, levend landschap helpt om water op te vangen en te reguleren, zuiveren en bufferen. Daarom wil WMD zicht krijgen op de natuurwaarden en -kansen van de gronden in beheer. Met deze doelstellingen wordt ook voorgesorteerd op de aanstaande door de EU verplichte duurzaamheidsverslaglegging (CSRD-wetgeving).


De vraag

Hoe staat het met de natuurkwaliteit op de gronden van WMD, waar liggen kansen om die te versterken en hoe stel je daarvoor een transitieplan op?


Het resultaat

Bij deze casus is de methodiek Basiskwaliteit Natuur (BKN) gebruikt. Dat is een methodiek die zich richt op natuur buiten natuurgebieden. Dat past goed past bij WMD, omdat dit bedrijf gronden beheert met veel verschillende typen landgebruik, van bedrijfslocaties tot agrarisch gebied. BKN gaat uit van een 'basiskwaliteit'. Als aan deze basis wordt voldaan, betekent het dat een gebied ecologisch functioneert en dat de meest algemene soorten zich er kunnen vestigen en handhaven. Het gaat dan om soorten die geen bijzonder hoge eisen stellen aan de natuurkwaliteit van een gebied, zoals de merel, de egel of het konijn. BKN is goed toepasbaar op grote schaal en helpt om verschillende deelgebieden met elkaar te vergelijken, waardoor je doelen en prioriteiten kunt stellen. Dit is nuttig voor WMD bij het opstellen van een transitieplan. WMD is nu begonnen met een pilot om verschillende terreinen anders te gaan beheren en inrichten. De inrichting is afgestemd op de ecologische potentie van het terrein, de operationele eisen van WMD en de lokale landschappelijke context. Het uiteindelijke doel is om in alle waterwingebieden Basiskwaliteit Natuur te behalen. Herhaaldelijke monitoring helpt hierbij, evenals bij het toetsen van de effectiviteit van het veranderende beheer en de inrichting.


De onderzoeksmethodiek BKN is goed toepasbaar op grote schaal en maakt het makkelijk om verschillende deelgebieden met elkaar te vergelijken, waardoor je prioriteiten kunt stellen. Hier zie je de score van een gebied in beheer bij Waterleidingmaatschappij Drenthe.

Casus 2: Basiskwaliteit Groenbeheer op Schouwen-Duiveland

De gemeente Schouwen-Duiveland wil de biodiversiteit in het gemeentelijk groen versterken en meer ruimte bieden aan planten en dieren. De gemeente richt zich enkel op de eigen beheervakken, om snel over te kunnen gaan tot actie.


De vraag

Hoe staat het met de randvoorwaarden voor biodiversiteit in de eigen beheervakken en waar liggen concrete kansen om die te verbeteren?


Het resultaat

De analyse werd uitgevoerd volgens de door NLadviseurs ontwikkelde methodiek Basiskwaliteit Groenbeheer, waarbij per beheervak wordt gekeken naar de ecologische waarde. Een team van ecologen inventariseerde de beheervakken in alle 18 kernen van de gemeente. In totaal werden 7.201 groenvakken en 118 waterpartijen beoordeeld, aangevuld met bestaande data. Aan de hand van zeven criteria, waaronder soortenvariatie, inheemse soorten, structuur en verbinding, werd elk vak gescoord op een schaal van 1 tot 5. De resultaten geven een gebiedsdekkend en praktisch overzicht van de kwaliteit van al het gemeentegroen. Door verschillen per kern en beheertype zichtbaar te maken, ontstaat inzicht in waar verbetering het meeste effect heeft. De zeven criteria vormen tegelijkertijd een duidelijke 'menukaart' voor maatregelen. Door te sturen op bijvoorbeeld soortenvariatie, aandeel inheemse soorten of verbinding tussen groenvakken, kan de biodiversiteit makkelijk worden verhoogd.


Deze kaart is een handig hulpmiddel voor de gemeente bij het verhogen van biodiversiteit.

Casus 3: Ecosysteemschets van de Fashion Farm

De Fashion Farm is opgezet door modeontwerper Joline Jolink. Zij is pionier in de verduurzaming van de modeketen. Samen met haar team werkt Joline aan een transparante en regeneratieve aanpak, waarin modeproductie en natuurherstel samenkomen. In 2023 verhuisde de ontwerpstudio van Rotterdam naar een boerderij in Welsum, om écht aan de slag te kunnen met mode en levende landschappen.


Op deze ecosysteemschets worden de natuurwaarden van de Fashion Farm visueel inzichtelijk gemaakt.

De vraag

Hoe kan het terrein zich ontwikkelen tot een landschap dat zowel ecologisch waardevol is als een plek waar geëxperimenteerd kan worden, bijvoorbeeld met biologisch afbreekbare mode en het verbouwen van natuurlijke vezels en verfplanten?


Het resultaat

NLadviseurs voerde een ecosysteemanalyse uit van het terrein en de directe omgeving. Op basis daarvan werden natuurkansen in beeld gebracht en vertaald naar concrete beheer- en inrichtingsvoorstellen. Denk aan bloemrijke zones, het verbeteren van de bodemkwaliteit en het maken van habitats voor allerlei dieren. De Fashion Farm ontwikkelt zich zo tot een proeftuin waar ontwerpers, studenten en bezoekers ervaren hoe een natuurpositieve keten eruit kan zien, én tot een plek waar planten, dieren en natuurlijke processen de ruimte krijgen. De eerste resultaten zijn inmiddels gedeeld met duurzame koplopers en er is een subsidie voor de verdere realisatie toegekend, waarmee een volgende stap in de ontwikkeling is gezet.


Vroeger was vlas een belangrijk gewas voor de Nederlandse textielproductie. Nu wordt het bijna niet meer geteeld. Op de Fashion Farm experimenteert Joline Jolink met lokale vlasproductie.

Wat doe je met al die data?

In de praktijk zien we vaak dat er veel middelen gaan naar het verzamelen van data, terwijl oplossingen onderbelicht blijven. Dat is een risico, want Europese landschappen zijn sterk gedegradeerd en herstel is dringend nodig. Onderzoek moet daarom niet blijven steken in analyse, maar richting geven aan landschapsherstel. Slimme monitoring helpt om gericht te sturen: je ziet wat werkt en wat niet, en past beheer en inrichting daaraan aan.


Daarnaast is monitoring onmisbaar voor verantwoording. Beleidsdoelen en fondsen vragen om aantoonbare resultaten, bijvoorbeeld in het kader van de Europese Natuurherstelverordening. Ook is monitoring een uitgelezen kans om te communiceren over een project. Door ontwikkelingen zichtbaar te maken, kun je laten zien dat je werk ertoe doet. Het delen van succesverhalen helpt om bewoners, stakeholders en opdrachtgevers te enthousiasmeren voor het werken aan een levend landschap én om de noodzaak van dat werk te onderstrepen.

Biodiversiteitsverlies en de Natuurherstelwet

Cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek laten zien dat de Nederlandse biodiversiteit op land sinds 1990 met circa 27 procent is afgenomen. Vooral soorten in open natuurgebieden, agrarisch gebied en stedelijke omgeving zijn achteruitgegaan. De Europese Natuurherstelverordening stelt dat tegen 2030 de negatieve biodiversiteitstrend omgebogen moet zijn naar herstel. De vraag is niet óf je iets moet doen, maar wáár en hóé. Monitoring helpt om die keuzes te maken en om te volgen of de ingezette koers werkt. Wil je meer lezen over monitoring? Scan dan de QR-code of ga naar www.nladviseurs.nl/gebiedsmonitoring-inzicht-in-natuurwaarden.

Bron: CBS
LOGIN   met je e-mailadres om te reageren.

REACTIES
Er zijn nog geen reacties.

download artikel
tip de redactie

Meld je aan voor onze digitale nieuwsbrief.

ONDERDELEN
Archief
Dossiers
Green Industry Profile
Webshop
OVER ONS
Over ons
Duurzaamheid & NWST
Contact
Het team
ADVERTEREN EN ABONNEREN
Fysiek abonnement
Digitaal abonnement
Abonneren nieuwsbrief
Adverteren
Verschijningsdata
MEER
Redactionele spelregels
Algemene voorwaarden
Disclaimer
Privacy
Cookies
ONDERDELEN
OVER ONS
ADVERTEREN EN ABONNEREN
MEER