Betaald worden voor ecosysteemdiensten in plaats van voor schoffelwerk |
|
|
|
|
 |
| 187 sec |
Met data de prestaties van groen inzichtelijk maken voor beleid en beheer
Bij GAES staat niet het groen zelf centraal, maar wat het groen doet. Die verschuiving in perspectief maakt groen niet alleen meetbaar, maar doorbreekt ook een werkwijze: groenbeheer, civiele techniek en beleidsmakers die elk vanuit hun eigen domein naar de openbare ruimte kijken, terwijl de opgaven allang te complex zijn geworden voor dat eilandenmodel.
| Wil Jacobs, programmamanager van GAES: 'Wij geven de groensector de taal om met andere domeinen op voet van gelijkheid te praten' |
Wie in de groensector relevant wil blijven, moet kunnen aantonen wat hij levert. Dat is de overtuiging waarmee Wil Jacobs aan de slag ging bij GAES, onderdeel van De Eijk Groep. Het programma maakt de prestaties van groen meetbaar. Want, vindt directeur Erik Punt: 'Over 20 jaar wil ik niet meer betaald worden voor het schoffelen van plantvakken, maar voor de ecosysteemdiensten die ik lever.' De vraag die volgde was: hoe breng je dat in kaart?
Drie stromingen
Als programmamanager bij GAES (Groen Als Een Service) ontwikkelde Jacobs samen met zijn team een systematiek rond vijf thema's: klimaat, biodiversiteit, gezondheid, sociale waarde en economische waarde. Per thema worden ecosysteemdiensten in kaart gebracht, gebaseerd op wetenschappelijk onderbouwde definities van onder andere het RIVM, WUR en het Ruyten Instituut. De aanpak werkt via drie datastromen. Jacobs: 'De eerste gegevens verzamelen we op nationaal niveau met openbare data, zoals de klimaateffectatlas. De tweede laag is het verzamelen van locatiespecifieke data, ingebracht door gemeenten of ontwerpers zelf. De derde datastroom wordt verkregen uit sensoren, direct gemeten in de openbare ruimte, waar we informatie verkrijgen over bodemvocht, bodemtemperatuur, gevoelstemperatuur en fijnstof.' Die drie lagen samen maken het mogelijk om niet alleen de huidige situatie te analyseren, maar ook toekomstscenario's door te rekenen. Wat gebeurt er als je niks doet? Wat als je bomen vervangt door betere soorten? Wat als je de bestrating aanpast?
Visuele tooling
Die data krijgen pas betekenis als ze zichtbaar worden voor de mensen die ermee moeten leven, werken of die erover moeten beslissen. Daarvoor ontwikkelde GAES een tooling waarmee scenario's visueel naast elkaar worden gelegd: van hittestresskaarten tot simulaties van een wijk over dertig jaar, met of zonder ingreep. Zo gingen bewoners in Sittard-Geleen met een VR-bril door een herontworpen straat lopen en werden sensoren beschikbaar gesteld aan wie zelf wilde meehelpen meten. Jacobs: 'Op bewonersavonden begonnen bewoners data met elkaar te vergelijken. Dan verschuift het gesprek over groen vanzelf.' Die dynamiek, zegt Jacobs, is niet te bereiken met een rapport.
|
|
GAES ontwikkelde een tooling waarmee scenario's visueel naast elkaar worden gelegd: van hittestresskaarten tot simulaties
| |
|
Wat de data leren
Als één van de eerste pilots analyseerde GAES in een stadsdeel van Den Haag bijna 6.000 bomen. Welke soorten staan er, hoe functioneren ze per locatie, hoe presteren ze ten opzichte van de 3-30-300-norm? Daaruit bleek dat 25 procent van de bomen binnen 10 jaar niet meer functioneert. 'De eerste reflex van de gemeente was om simpelweg 1.500 bomen te vervangen. Onze analyse toonde aan dat door het huidige kabels- en leidingbeleid nog maar 20 procent van die bomen teruggeplaatst kon worden. Als je dat doorrekent, dan wordt het in dat stadsdeel over 20 jaar gemiddeld 10 graden warmer.' Het gevolg? De afdeling civiele techniek en de groenbeheerder gingen met elkaar aan tafel om te praten over ondergrondse bewortelbare ruimte. Dat is de dynamiek die GAES wil teweegbrengen: domeinverbindende besluitvorming, op basis van gedeelde data.
 | | Een meetlocatie van borders met bloemen |
|
|
Resultaten soms zeer verrassend
Zelfs een expert als Jacobs wordt soms verrast door de resultaten. In Oost Gelre berekende GAES een scenario voor een wijk die maximaal was vergroend, met een uitkomst die niemand had verwacht: over dertig jaar zou dat gebied juist een hitte-eiland worden. Jacobs moest de berekening twee keer maken voordat hij het geloofde. 'Maar het klopte. De bomen bleken de windcirculatie te blokkeren.' Een mooie bijvangst van een ander project was al even onverwacht: groene plekken blijven in de winter 4 à 5 graden warmer dan versteende plekken. 'Voor de energietransitie betekent dat een meetbare verlaging van de verwarmingsbehoefte.'
|
|
Dat is de dynamiek die GAES wil teweegbrengen: domein verbindende besluitvorming, op basis van gedeelde data
| |
|
Den Haag: van criminaliteitsplein naar leefplek
Een mooie testcase bleek ook de aanpak van twee pleinen in Den Haag. Op het Gouverneurplein in de wijk Laak werd de verharding met 80 procent teruggebracht, 50 procent van de oppervlakte vergroend, straatkolken afgekoppeld en de resterende bestrating waterdoorlatend gemaakt. Sensoren meten sindsdien continu bodemvocht, temperatuur en fijnstof. De resultaten zijn significant. Het plein is de enige gemeten locatie van 5 meetlocaties in de gemeente die in de zomer niet onder de kritieke bodemvochtgrens van 14 procent zakt. Het fijnstofgehalte is gemiddeld 20 procent lager dan op de andere meetlocaties. Maar misschien wel de opvallendste uitkomst is een die buiten het milieudomein valt. 'Het plein had een reputatie als overlastplek. Wijkbeheerders en woningcorporaties stuurden er wekelijks hulpverleners op af. Door de herinrichting verdween die overlast vrijwel volledig. Die kosten zijn nu weggevallen.' De investering had zich, zo berekenden ze, al na een half jaar terugverdiend.
 | | Met de Gaes Swipe Tool™ kun je snel verschillende scenario's bekijken |
|
|
Groen als infrastructuur
Wat GAES feitelijk doet, is groen positioneren als infrastructuur. Niet als aankleding van de openbare ruimte, maar als functioneel systeem met meetbare prestaties, vergelijkbaar met riolering of het elektriciteitsnet. Die benadering vraagt iets van gemeenten: bereidheid om vroeg in het proces domeinoverstijgend samen te werken, met elkaar én met GAES, data te delen en over sectorgrenzen heen te denken. De eerste gemeenten zijn die slag aan het maken, al is het vaak nog zoeken naar de juiste manier. Precies daar ligt volgens Jacobs de rol van GAES. 'Wij lossen het stikstofprobleem niet op, maar wij zorgen er met inzichten wel voor dat je gezamenlijk de juiste keuzes kunt maken. Wij geven de groensector de taal om met andere domeinen op voet van gelijkheid te praten.' En die taal bestaat uit cijfers.
| GAES (Groen als een Servi... | |
| |
| LOGIN
met je e-mailadres om te reageren.
|
|
|
| Er zijn nog geen reacties. |
|