Een ceder voor elke tuin (en ieder park) |
|
|
|
|
| Ronald Houtman,
woensdag 28 januari 2026 |
 |
| 368 sec |
Cedrus is een klein geslacht, dat uit slechts drie soorten bestaat
In de jaren zeventig werden Cedrus atlantica en klonen uit de C. atlantica Glauca Group aangeprezen als ideale conifeer voor de kleine(re) tuin. Het gevolg was dat men de plant regelmatig naast voordeuren of onder ramen plantte, niet wetend dat het een behoorlijke boom kan worden. Nog steeds zien we soms een enorme ceder dicht tegen de gevel van een rijtjeshuis staan. Maar Cedrus is zoveel meer en er zijn wel degelijk kleiner blijvende cultivars. En ook statige grote.
| Cedrus deodara 'First Snow' |
Cedrus is een klein geslacht, dat uit slechts drie soorten bestaat: Cedrus atlantica, C. deodara en C. libani. Het geslacht behoort tot de Pinaceae, een belangrijke familie waartoe onder andere ook Abies, Larix, Picea en Pinus behoren. Alle Cedrus-soorten groeien boomvormig, waarbij de zijtakken vrijwel horizontaal staan ingeplant. De naalden zijn steeds scherp gepunt en de planten zijn eenhuizig, wat inhoudt dat mannelijke en vrouwelijke kegels in dezelfde boom gevormd worden. De mannelijke kegels lijken wat op katjes (zoals bij wilgen), de vrouwelijke kegels zijn rechtopstaand en groeien later uit tot ovale, lichtgroene en later bruine zaadkegels.
De Nederlandse naam voor Cedrus is ceder. Dit leidt in het Engels soms tot wat verwarring, omdat verschillende andere coniferen in die taal ook 'cedar' worden genoemd. Zo zijn er de Atlantic white cedar (Chamaecyparis thyoides), Mexican white cedar (Cupressus lusitanica), Eastern white cedar (Thuja occidentalis), Western white cedar (Thuja plicata) en Eastern red cedar (Juniperus virginiana). Er zijn zelfs loofhoutgewassen die 'cedar' worden genoemd, zoals Tamarix, de salt cedar. In het Engels zijn er bijna 30 verschillende planten die cedar worden genoemd, waaronder dus de drie Cedrus-soorten.
 | | Cedrus atlantica 'Aurea' |
|
|
Opvallende verspreidingsgebieden
De drie soorten hebben opvallende verspreidingsgebieden, die ver van elkaar af liggen. Het meest westelijk komt Cedrus atlantica, de atlasceder, voor. Zoals de naam al doet vermoeden, komt deze soort voor in Algerije en Marokko, met name in het Atlasgebergte. De nauw verwante soort Cedrus libani heeft zijn natuurlijk verspreidingsgebied in het Midden-Oosten, om precies te zijn in de zuidelijke helft van Turkije, Syrië en Libanon. De Nederlandse naam libanonceder is wat onlogisch; het grootste deel van het verspreidingsgebied ligt in Turkije. Deze twee soorten zijn dermate nauw verwant, dat enige tijd werd aangenomen dat het om één soort ging, C. libani. De westelijke vorm (C. atlantica) werd beschouwd als een ondersoort hiervan. De aanname was (en is) dat een oervorm van beide soorten vroeger in geheel Noord-Afrika, tussen Zuid-Turkije en Marokko, voorkwam. Maar de (genetische) verschillen zijn dermate groot dat ze als aparte soorten worden beschouwd. De derde soort komt het meest oostelijk voor. Cedrus deodara is inheems vanaf het oosten van Afghanistan tot in het westen van Nepal en Zuidwest-China. De Nederlandse naam is - hoe toepasselijk - himalayaceder.
|
|
De drie soorten hebben opvallende verspreidingsgebieden
| |
|
Cedrus atlantica
Deze soort is bij het grote publiek het bekendst - en het beruchtst. De atlasceder is namelijk de soort die destijds werd aangeprezen als 'kleinblijvend', waarna veel onwetende consumenten de planten in hun kleine tuintjes of tegen gevels plantten. Het is een fors groeiende boom, die in de natuur hoger dan 30 m zal worden. Ook in cultuur kunnen de bomen uiteindelijk hoger dan 20 m worden. De takken staan, in tegenstelling tot bij C. libani, onder een kleinere hoek in de stam ingeplant; ze groeien dus iets meer omhoog. Cedrus atlantica heeft, evenals C. libani, een meer open structuur dan C. deodara. Dit komt doordat de naalden met zo'n 2,5 cm lengte duidelijk korter zijn. Ze staan in bundels van 20 tot 45 op kortloten en op de twijgen. De zaadkegels zijn ruim 5 cm lang en eerst lichtgroen met purperen tinten; later worden ze purperbruin.
De bekendste vormen staan bekend als 'Glauca'. Deze planten hebben steeds opvallend (groen)blauwe naalden. Maar ze zijn onderling iets variabel, zowel in groeivorm en vertakking als in naaldlengte en -kleur. Deze verschillen vallen in de praktijk nauwelijks op, maar eigenlijk zijn het dus verschillende klonen die sterk op elkaar lijken. Om deze reden kunnen de planten niet als één cultivar worden beschouwd. Ze worden daarom aangeduid als Glauca Group. Vervolgens ontstonden uit deze klonen wel cultivars als 'Glauca Fastigiata' en 'Glauca Pendula'.
 | | Cedrus atlantica 'Glauca Pendula' |
|
|
Cultivars van C. atlantica
Als benaamde cultivars uit de Glauca Group zijn 'Glauca Fastigiata' en 'Glauca Pendula' afwijkend door hun groeiwijze. Zo is 'Glauca Fastigiata' een min of meer zuilvormig groeiende cultivar. Min of meer, want uiteindelijk zal de boom een kegelvormige habitus krijgen. Maar de mooie groenblauwe naalden zijn natuurlijk inbegrepen. Ook 'Horstmann', 'Horstmann's Silberspitz' en 'Pyramidalis' zijn slankere, op jonge leeftijd bijna zuilvormige cultivars. 'Horstmann's Silberspitz' is hier de uitzondering omdat de jonge scheuten crèmewit zijn.
'Glauca Pendula' heeft eveneens mooie groenblauwe naalden. Het is een zeer bekende treurvorm van de atlasceder. Oude planten kunnen zeer imposant zijn, terwijl jonge planten er soms wat ielig uitzien. Identiek aan de natuurlijke soort, maar met gele naalden, is 'Aurea'. Met deze frisse naaldkleuren is het een goede aanvulling op het sortiment. Er zijn diverse dwergvormen, vaak als heksenbezem ontstaan, maar deze worden voornamelijk door verzamelaars en liefhebbers gekweekt en toegepast. Jammer, want planten als 'Hillier HB' en 'Sapphire Nymph' kunnen leuke tuinplanten worden.
De hier genoemde cultivars vormen slechts een kleine greep uit het sortiment, die verre van compleet is. Dit geldt ook voor de cultivars van de andere Cedrus-soorten in dit artikel.
Cedrus libani
De libanonceder is wellicht de meest iconische soort in het geslacht. De boom prijkt immers op de vlag van Libanon. En dat terwijl het grootste verspreidingsgebied van deze soort in Turkije ligt. Het is een grote boom die zo'n 30 m of hoger wordt. Met name in Frankrijk, Engeland en Ierland staan nog enorme exemplaren, vaak bij landhuizen en kastelen. De boom heeft aanvankelijk een kegelvormige kroon, maar krijgt later de kenmerkende trapeziumvormige tot waaiervormige kroon. De takken staan onder een bijna rechte hoek ingeplant in de stam, hoewel ze bij jonge bomen wel meer opgaand groeien. De donkergroene naalden zijn 1,5 tot 3,5 cm lang en staan in bundels van 15 tot 35 bijeen op kortloten en op de twijgen. De circa 9 cm grote zaadkegels zijn eerst groen en kleuren bij rijpen bruin met purperen tinten.
Er wordt één ondersoort onderscheiden, C. libani subsp. brevifolia, die voorheen als aparte soort werd beschouwd (en soms nog steeds). Deze ondersoort komt alleen voor op Cyprus en heeft kortere naalden, die 0,5 tot ruim 1,6 cm lang zijn en vaak iets gebogen. De naalden zijn groen tot blauwgroen en de zaadkegels circa 8 cm groot. Hoewel uiterlijk afwijkend, blijken er genetisch onvoldoende verschillen te zijn met C. libani om de ondersoort brevifolia als aparte soort te beschouwen.
|
|
De hier genoemde cultivars zijn slechts een kleine greep uit het sortiment
| |
|
Cultivars van C. libani
De bekendste cultivar van C. libani is 'Fastigiata'. Deze duidelijk slanker opgaand groeiende cultivar heeft weliswaar een smallere kroon, maar het kan nog steeds een forse en later ook relatief brede boom worden. Het is dus, net als C. atlantica 'Glauca Fastigiata', zeker geen goed alternatief voor C. atlantica Glauca Group als het om toepassing in kleine tuinen gaat. Ook zijn de naalden veel groener. Ook de cultivar 'Stenocoma', die soms als natuurlijke variëteit wordt beschouwd, heeft een smallere kroon dan de soort C. libani. De kegelvormige kroon is echter wel breder dan bij 'Fastigiata'. Ook 'Sargentii' wordt af en toe gekweekt. Deze is duidelijk afwijkend door de langzame groei, met breed spreidende takken die sierlijk afhangen. De takken zijn vrij dun en iets gebogen. Met een lengte van 3 tot 3,5 cm zijn de blauwig groene naalden relatief lang en versterken ze de typische structuur van 'Sargentii'. Na tien jaar zal de plant zo'n 50 cm hoog en 2 m breed zijn.
 | | Cedrus libani 'Fastigiata' |
|
|
Cedrus deodara
Dit is een opvallend sierlijke boom die in de natuur 50(!) m hoog kan worden, maar in cultuur gelukkig beduidend kleiner blijft en zelden hoger dan 25 m wordt. De zijtakken staan vrijwel horizontaal ingeplant op de stam, waarbij de toppen van de zijtakken iets naar beneden hangen. De 3 tot 5 cm lange naalden, die van nature blauwgroen zijn, staan steeds in bundels van 20 tot 30 stuks bijeen. De ruim 10 cm grote ovale zaadkegels zijn eerst blauwgroen, maar kleuren later roodachtig, om uiteindelijk bruin te worden als de zaden rijp zijn. Deze soort werd al in 1822 in West-Europa ingevoerd. In de afgelopen 200 jaar zijn veel cultivars benaamd, waarvan een groot deel overigens niet of nauwelijks nog wordt gekweekt.
 | | Cedrus deodara 'Silver Spring' |
|
|
Cultivars van C. deodara
De Naamlijst van Houtige Gewassen (Naktuinbouw, 2021) vermeldt ruim 40 cultivars van C. deodara. Deze zijn in enkele groepen te verdelen, op basis van groeiwijze. Allereerst zijn er de cultivars met een opgaande groeiwijze, net zoals de natuurlijke soort. 'Bush's Electra' heeft een wat slankere groeiwijze dan de natuurlijke soort, met opvallend grijsblauwe naalden. 'Kashmir' groeit iets compacter en de naalden zijn meer grijsgroen. Ook 'Deep Cove' en 'First Snow' hebben grijsgroene naalden, maar deze twee cultivars vallen op doordat de jonge scheuten veel lichter van kleur zijn. Bij 'First Snow' zijn deze crèmewit, terwijl ze bij 'Deep Cove' wit zijn. Ook 'Silver Spring' heeft zilverwitte jonge scheuten, maar deze plant heeft iets meer afhangende twijgen dan 'Deep Cove'. Bij 'Albospica' zijn de jonge scheuten eerst crèmekleurig, om later geel te worden. Bij 'Aurea' zijn de jonge scheuten heldergeel, terwijl de volwassen naalden groengeel zijn. Het geeft al deze cultivars in het voorjaar een sprankelend effect.
Eveneens gele naalden heeft 'Golden Horizon', maar deze plant groeit beduidend breder en lager: hij wordt ruim 1 m hoog in tien jaar tijd. Toch vormt 'Golden Horizon' af en toe een opgaande harttak. Als deze niet wordt verwijderd, zal de plant aanzienlijk hoger groeien. Dit geldt ook voor de in beginsel breed en laag groeiende 'Feelin' Blue', die in tegenstelling tot 'Golden Horizon' relatief dikke, opvallend blauwe naalden heeft. Als de plant geen harttak ontwikkelt, wordt deze in tien jaar tijd zo'n 60 cm hoog en 2 m breed.
En dan is er nog een aantal zeer compacte en/of laag groeiende cultivars. Zo groeit 'Prostrata', met blauwgroene naalden, bijna kruipend. Deze plant wordt nog geen 40 cm hoog in tien jaar, maar wel 3 m in doorsnede. 'Divinely Blue', daarentegen, groeit bolvormig. Na tien jaar zal deze plant met blauwgrijze naalden ruim 1 meter hoog zijn. 'Blue Globe' groeit veel compacter en heeft helder blauwgrijze naalden.
Toepassing en gebruikswaarde
De verschillende cedersoorten zijn niet moeilijk; ze groeien op iedere goed gedraineerde grond, inclusief kalkhoudende. De natuurlijke herkomstgebieden in ogenschouw nemend, houden de planten van warmte en een plaats in de volle zon. Hou er wel rekening mee dat er bij geelnaaldige planten verbranding van de naalden kan optreden als ze te droog staan, vooral bij lage planten. Als ongewenste (hart)takken weggesnoeid moeten worden, kan dit het beste in het najaar worden gedaan.
De drie soorten en de meeste groter wordende cultivars moeten worden afgeraden voor toepassing in kleine(re) tuinen. Dit zijn bij uitstek planten voor in grote tuinen en parken. De kleinere cultivars kunnen wel goed worden gebruikt in kleine tuinen. Dat geldt ook voor de treurvormen, hoewel deze na jaren wel behoorlijk breder kunnen worden. Met de mooie naaldkleur en typische plantstructuur zorgen ceders voor afwisseling in de tuin. En, niet onbelangrijk, ze zijn wintergroen.
| LOGIN
met je e-mailadres om te reageren.
|
|
|
| Er zijn nog geen reacties. |
|