Tentoonstelling ‘250 jaar Copijn in het Groen’ |
|
|
|
|
 |
| 92 sec |
Op vrijdag 4 april is de feestelijke opening van de tentoonstelling '250 jaar Copijn in het Groen', in Speciale Collecties Wageningen UR. Tijdens deze opening wordt het boek 'Met levend materiaal. Copijn 1763-2013' van architectuurhistoricus Mariëtte Kamphuis gepresenteerd. De eerste exemplaren van het boek worden aangeboden aan Jørn Copijn, Anne Kim Copijn en Siebe Stellingwerff Beintema, de huidige directeur van Copijn.
Levend materiaal In het rijk geïllustreerde boek met talrijke schitterende plattegronden en foto's vertelt architectuurhistoricus Mariëtte Kamphuis hoe de parken, landgoederen, golfterreinen, daktuinen en andere groenontwerpen van de familie Copijn tot stand kwamen. Geen enkele familie in Nederland bleef zo lang in het 'tuinvak' werkzaam als de familie Copijn. Aan hun geschiedenis is de ontwikkeling van het kwekersvak en de tuin- en landschapsarchitectuur nauwkeurig af te lezen. Verrassend is te zien hoe het 'levend materiaal' in de loop der eeuwen steeds het uitgangspunt blijft, maar anders wordt beleefd: van de exotische bomen in romantische wandelparken tot en met de bladplanten in de verticale tuinen op futuristische gebouwen.
250 jaar Copijn in het Groen De tentoonstelling bestrijkt 250 jaar tuinhistorie in ontwerpen, boeken en ander materiaal. In 1763 begon Hendrik Copijn zijn loopbaan als eenvoudige dagloner in Groenekan bij Utrecht. Hij werkte zich op tot tuinbaas en startte met zijn zoon op de humusrijke zandgrond een eigen boomkwekerij. Het boek beschrijft de meeslepende, hectische wereld van de plantenjagers die nieuwe planten soorten van uit verre windstreken naar de gematigde zones brachten. Het was niet alleen de kunst deze op te kweken en te vermeerderen, maar ook om de nieuwigheden aan de man te brengen. Om de soortenrijkdom optimaal tot haar recht te laten komen begonnen de Copijnen zich te verdiepen in de tuinkunst. Volgende generaties ontwikkelden zich tot succesvolle landschapsarchitecten.
Met spiegelende vijverpartijen en monumentale bomen vormen hun negentiende-eeuwse parken nog altijd een geliefde wandelplek, zoals het Wilhelmina-park in Utrecht, het Rengerspark in Leeuwarden en het Van Boetzelaerpark in De Bilt. Ook grote particuliere Copijn tuinen uit de negentiende eeuw bleven behouden, zoals het kasteelpark van De Haar bij Haarzuilens en Hydepark bij Doorn. Copijn Tuin- en Landschapsarchitecten is nu ook weer betrokken bij de verdere ontwikkeling van Hydepark en Van Boetzelaerpark.
De tentoonstelling loopt van 4 april t/m 1 augustus 2014; maandag t/m vrijdag van 9.00-13.00 uur en 's middags op afspraak. Meer informatie en groepsrondleidingen: speccoll.libary@wur.nl / 0317-482701.
Copijn nu Tegenwoordig zijn nog verschillende Copijnen in het vak werkzaam en is 'Copijn' ook de merknaam van ons bureau in Utrecht. Anno nu bestaat Copijn uit drie werkmaatschappijen: Copijn Tuin- en Landschapsarchitecten, Copijn Boomspecialisten en Copijn Groenaanleg en beheer. Recente spraakmakende projecten zijn het ontwerp van de nieuwe groene buitenzaal van het Rijksmuseum in Amsterdam en de verplanting van een zestien meter hoge Mammoetboom in Driebergen met de vijzelmethode.
| LOGIN
met je e-mailadres om te reageren.
|
|
|
| Er zijn nog geen reacties. |
|