Roberine neemt voor de tweede keer afscheid |
|
|
|
|
 |
| 139 sec |
Van Twentse kooimaaiers tot een Amerikaanse comeback en productiestop: 75 jaar maaiergeschiedenis
Een merk dat verdwijnt, terugkomt en opnieuw afscheid neemt: Roberine heeft de afgelopen 75 jaar het nodige overwonnen. Wat in 1951 begon bij de familie Robers in Enschede, groeide uit tot een bekende naam in openbaar groen en sportveldbeheer. Na een periode onder de vlag van John Deere kreeg Roberine in 2015 een tweede leven. Nu stopt eigenaar Alamo met de productie.
Het bedrijf startte in Enschede. Daar begint de familie Robers in 1951 met de bouw van kooimaaiers. De machines vinden hun weg naar verschillende Europese landen. Op het hoogtepunt worden jaarlijks meer dan 500 exemplaren gebouwd, vertelde toenmalig Votex/Roberine directeur Gerrit van Nieuwenhuizen in 2015 aan vakblad Fieldmanager. In 1971 neemt de Duitse fabrikant Sabo het bedrijf over. De naam wordt Sabo Roberine.
De fabriek groeit, de naam verdwijnt
De fabrikant wordt in 1991 meerderheidsaandeelhouder van Sabo. In 1995 komt Roberine rechtstreeks onder leiding van John Deere te staan. In 2002 verandert de bedrijfsnaam in John Deere Enschede. De maaiers gaan verder onder de Amerikaanse merknaam. Roberine als naam verdwijnt uit beeld, maar de fabriek blijft draaien. Enschede blijft volop kooimaaiers bouwen voor John Deere. In 2005 verschuift de productie van grote cirkelmaaiers naar de Verenigde Staten. Via de Citadel Groep komt de fabriek in 2011 bij Dutch Power Company (hierna: DPC) terecht, de groep met onder meer Votex, Herder en Conver. De productie voor John Deere gaat door.
|
|
De eerste keer verdween de naam. Nu stopt de productie
| |
|
Een oude naam op een nieuwe machine
In 2015 staat Roberine ineens weer op een beurs. Op Demopark in het Duitse Eisenach presenteert DPC de F3. De oude naam keert terug op een nieuw ontwikkelde machine: een zelfrijdende maaier met drie hydraulisch aangedreven klepelunits. De F3 wordt in Enschede gebouwd en heeft vierwielaandrijving, een Yanmar-dieselmotor van 41 pk en een maaibreedte van 2,15 meter. De keuze voor Roberine is bewust. Volgens Van Nieuwenhuizen is de naam nog steeds bekend bij professionele gebruikers, vooral in het Verenigd Koninkrijk. Ook ziet hij overeenkomsten met de eerdere machines. 'Het DNA van Roberine is in al die jaren blijkbaar niet verloren gegaan', zegt hij destijds tegen Fieldmanager. De comeback krijgt daarmee een nieuwe machine én een herkenbaar verleden. Het blijft niet bij één model. Het aanbod groeit weer uit tot klepel- en kooimaaiers, met onder meer de F5 en R5. Roberine heeft opnieuw machines voor verschillende soorten maaiwerk: van openbaar groen tot sportvelden.
Afscheid van Enschede
In 2019 neemt Alamo Group DPC over. Twee jaar later verlaat Roberine zijn geboorteplaats. De productie verhuist naar zusterbedrijf Conver in Giessen. Volgens de toenmalige directie is het pand in Enschede te groot geworden. In 2020 zijn er ongeveer 110 Roberine-maaiers gebouwd. Voor de 44 medewerkers heeft de verhuizing grote gevolgen: de meesten verhuizen niet mee. Begin 2025 volgt alweer een verhuizing, nu naar Middelburg, waar ook Herder en Votex worden gebouwd. De boodschap is op dat moment toekomstgericht. Salesmanager Arie de Koning vertelt in juni 2025 aan GreenPro over een stijgende vraag en mogelijkheden om de productie op te voeren. Ruim een jaar later volgt het besluit om te stoppen.
|
|
In 2025 ging het nog over meer productie. In 2026 volgt de productiestop.
| |
|
Ook Conver vertrekt
Alamo kondigt medio juli 2026 aan ook de Conver-fabriek in Giessen te willen sluiten. Als reden noemt het bedrijf aanhoudende problemen in de markt en de bedrijfsvoering. Daarbij zouden ongeveer achttien arbeidsplaatsen verdwijnen. De productie van de maaiboten en andere machines voor waterbeheer zou worden beëindigd. Uiteindelijk neemt Innomach uit Werkendam het merk volledig over. Daarmee krijgt Conver een vervolg buiten Alamo.
Het tweede afscheid
Voor Roberine wordt op 29 september 2026 een productiestop bekendgemaakt. Alamo noemt die onderdeel van een bredere heroriëntatie van de activiteiten in Middelburg. De resterende machines worden nog verkocht. Onderdelen, technische ondersteuning, service en onderhoud blijven volgens het bedrijf beschikbaar. Na het vertrek van Conver en het stoppen met nieuwe Roberines blijven Herder en Votex over in het Nederlandse merkenprogramma. Zo krijgt Roberine, 75 jaar na de start, een tweede einde. De eerste keer verdween de naam, terwijl de fabriek doorwerkte. Daarna kwam de naam terug met nieuwe machines. Nu eindigt de productie. De Roberines die al op sportvelden en in plantsoenen rijden, kunnen voorlopig hun rondjes blijven maken.
| Alamo Group The Netherlan... | |
| |
| LOGIN
met je e-mailadres om te reageren.
|
|
|
| Er zijn nog geen reacties. |
|