Pluktuinen op begraafplaatsen: groenservice met gevoel |
|
|
|
|
| Peter Jansen,
woensdag 24 juni 2026 |
 |
| 207 sec |
De schaar hangt er nog steeds
Begraafplaatsen zijn geen gewone plekken. Het groen is er altijd op niveau A, zegt Nick Johansson van de gemeente Purmerend, want hier mag het niet minder zijn. Maar er ontbrak iets. Tot er een nieuw concept in de openbare ruimte voorbijkwam: de pluktuin - niet in een stadspark of langs een fietspad, maar midden tussen de graven. Groenbeheerder Ruud Ernst: 'Dit is een soort extra service die recht doet aan de plek en de emotie.' Purmerend stapte in, op twee begraafplaatsen. Dit is het eerste jaar, en het werkt.
| Nick Johansson en Ruud Ernst |
Het idee is even simpel als spannend: bloemen aanplanten op een plek waar ze niet alleen bekeken, maar ook geplukt mogen worden. Op begraafplaatsen, waar het beheer traditioneel draait om rust, orde en een hoge beeldkwaliteit, schuurt dat in eerste instantie. Toch blijkt het in de praktijk verrassend logisch. Nick Johansson, strategisch groenbeheerder van de gemeente Purmerend, was meteen enthousiast. 'Het past bij de plek. Mensen komen hier met een emotie, en dit is een extra gebaar dat je kunt bieden. Ze mogen niet alleen kijken, maar ook iets meenemen.' Ruud Ernst, groenbeheerder bij dezelfde gemeente, vult aan: 'Je zit hier altijd op A-niveau. Alles moet kloppen. Dan is het mooi als je iets kunt toevoegen dat zowel sierwaarde heeft als betekenis.' Het initiatief komt van Jens Reeuwijk, eigenaar van Jens Reeuwijk Bloembollen B.V.. Hij ontwikkelde het concept en legde het aan op twee locaties in de gemeente: de hoofdbegraafplaats in Purmerend en een begraafplaats in de Beemster. Op de Purmerendse locatie gaat het om twee stroken van elk dertig bij twee meter, in de Beemster om vijf kortere stroken. Voor beide is dit het eerste jaar, voor beide geldt hetzelfde basisidee.
Andere dynamiek dan in wijk
Wat de pluktuin op een begraafplaats onderscheidt van vergelijkbare concepten in woonwijken, is vooral het gedrag van de gebruiker. Waar in de openbare ruimte soms wordt gevreesd voor leegplukken, blijkt dat hier nauwelijks een issue. Reeuwijk ziet een duidelijk verschil: 'Op een begraafplaats komen mensen met een andere instelling. Daar zit respect in. Ze hangen het schaartje terug, nemen een bescheiden bosje en laten de rest staan. Dat werkt echt anders dan in een woonwijk.' Johansson herkent dat beeld vanuit de eigen praktijk in Purmerend. 'We hebben bloembollenvakken langs de weg en in wijken. Die worden niet massaal leeggeroofd. Mensen laten ze staan, ze genieten ervan. Dat verwacht ik hier ook.'' Tegelijkertijd vraagt het concept om gewenning. Reeuwijk: 'Mensen zijn het niet gewend dat ze iets mogen plukken in de openbare ruimte. Daarover moet je communiceren. Maar als ze het eenmaal doorhebben, gaan ze het ook doen.' Hij vertelt over een vrouw die hij op de begraafplaats aantrof terwijl ze een bosje aan het plukken was, zonder te weten dat hij degene was die het had aangelegd. Ze zei hardop hoe blij ze ermee was. Later belde ze ook nog naar zijn werktelefoon met een voicemail vol dankbaarheid.
 | | Jens Reeuwijk |
|
|
Van bol tot bloei: doordacht systeem
Achter het ogenschijnlijk losse karakter van de pluktuin zit een duidelijke vakinhoudelijke opbouw. De kracht zit in de combinatie van bloembollen en een meerjarig bloemenmengsel, waardoor een lang bloeiseizoen ontstaat. Ernst legt de opbouw uit: 'Je begint vroeg in het jaar met narcissen, daarna komen de tulpen, gevolgd door alliums en irissen. Vervolgens neemt het bloemenmengsel het over. Zo heb je van het voorjaar tot in het najaar kleur en beleving.' De aanplant is uitgevoerd met een speciale machine die de grasmat niet verwijdert, maar onderwerkt, de bollen tegelijkertijd in de grond brengt en het zaad erboven inzaait. Reeuwijk: 'De bollen zitten op diepte, het zaad daarboven. Je legt als het ware een systeem aan dat zichzelf grotendeels in stand houdt. Het enige wat je jaarlijks moet te doen is eventueel bollen bijplanten.' Een belangrijk aandachtspunt is de manier van plukken. 'Als je een bloem volledig afsnijdt, haal je de voeding uit de bol', legt Reeuwijk uit. 'Dan komt hij niet terug. Maar als mensen hem hoger afknippen en blad laten staan, kan die bol zich herstellen.' In de praktijk gaat dat goed. Bezoekers op een begraafplaats knippen voorzichtiger dan je zou verwachten.
|
|
'Mensen zijn het niet gewend dat ze iets mogen plukken in de openbare ruimte. Daarover moet je communiceren'
| |
|
Beheer: minder doen is soms beter
Opvallend is dat de pluktuin relatief weinig onderhoud vraagt. Ernst: 'Eigenlijk doen we hier zo min mogelijk. Je laat het natuurlijke proces zijn gang gaan. Niet maaien tussendoor, niet strak trekken. Dat is even wennen, maar het werkt wel.' Johansson ziet daarin een bredere ontwikkeling binnen het gemeentelijk groenbeheer. 'We zijn steeds meer bezig met de vraag: wat is de functie van groen op een bepaalde plek? Hier gaat het om beleving, rust en symboliek. Daar past een ander beheerregime bij.' Die benadering sluit aan bij een objectievere manier van sturen op groenkwaliteit, waarin de functie leidend is boven het gevoel. 'De pluktuin is daar een mooi voorbeeld van', aldus Johansson.
Sierwaarde én gebruik
De dubbele functie van de pluktuin is juist een kracht. Johansson: 'Voor ons is het niet erg als er weinig geplukt wordt. Dan blijft het er gewoon mooi bij staan. Het doel is niet per se dat alles verdwijnt, maar dat mensen de mogelijkheid hebben.' Reeuwijk vult aan: 'Alles wat blijft staan, komt volgend jaar gewoon weer terug. En alles wat geplukt wordt, heeft op dat moment waarde gehad. Het is eigenlijk altijd goed.' Die balans maakt het concept robuust. Het is geen alles-of-nietssysteem, maar een flexibele aanpak die zich aanpast aan gebruik en seizoen.
 | | Goede communicatie, daar pluk je de bloemen van |
|
|
Eerste reacties en wat er komen gaat
De eerste signalen zijn positief. Johansson: 'Je merkt dat mensen het nog moeten ontdekken. Maar we hebben al complimenten gehad. Dat is voor ons een teken dat het werkt.' Voor Reeuwijk bevestigt Purmerend wat hij op andere locaties al zag. 'We hebben dit jaar negen begraafplaatsen gedaan. Je ziet dat elke locatie weer anders reageert. Maar de basis werkt overal.' In het najaar evalueert de gemeente en wordt besloten of de bollen opnieuw de grond in gaan. De verwachting is van wel. Ernst: 'Je moet het niet moeilijker maken dan het is. Het is een simpel concept, maar het doet veel.' En de schaar hangt er nog steeds.
|
|
Achter het ogenschijnlijk losse karakter van de pluktuin zit een duidelijke vakinhoudelijke opbouw
| |
|
| Jens Reeuwijk Bloembollen... | |
| |
| LOGIN
met je e-mailadres om te reageren.
|
|
|
| Er zijn nog geen reacties. |
|